" Ze zijn er weer verse Zeeuwse mosselen van Neeltje Jans "



De mossel is het meest bekende en geliefde schelpdier. Hij behoort tot de bivalven of tweekleppigen. Dat wil zeggen dat deze schelpdieren omsloten worden door twee scharnierende kleppen. Mosselen zijn weekdieren, die vooral in de kustgebieden leven. In de Oosterschelde en de Waddenzee komen zij in grote aantallen voor. In het voorjaar en de zomer vindt de voortplanting plaats.

De kleur van het mosselvlees verschilt van blank tot oranje. Deze kleurvariatie hangt samen met de dikte van de schelp. Dikke schelpen laten weinig licht door en bieden daarom blanke mosselen. De kleur is echter geen kwaliteitskenmerk. Het voedsel van de mossel bestaat uit planktonalgen, die zij bemachtigen door het langsstromende zeewater te filteren. Mosseltjes van ongeveer 1 centimeter groot noemt men mosselzaad. Wanneer de mosselen circa 4 tot 5 cm lengte hebben, worden ze zogenaamde 'halfwasmosselen'genoemd. Na ongeveer twee jaar zijn de mosselen 6 tot 7 centimeter groot en geschikt voor de verkoop als consumptiemossel.

Bij de Zeeuwse mosselen spreken we van een bodemcultuur. De mosselen worden op bodem gekweekt. Daarnaast is er in Nederland een aantal mosselkwekers die met een zogenaamde hangcultuurmossel werken. Hierbij worden de mosselen aan touwen gekweekt. De mosselen hangen in het water boven de bodem waar ze gemakkelijker aan voedsel kunnen komen.

Aankopen

Een verse mossel is in principe gesloten. Maar open mosselen hoeft u niet zondermeer weg te gooien. Tik even op de schelp en kijk of het diertje zich sluit. Als de mossel sluit, kan u hem nog gebruiken.
Reken een kilo tot anderhalve kilo mosselen per persoon. Een kilo mosselen bevat ongeveer 35 tot 49 stuks.

Bewaren

Bewaar de mosselen voor korte tijd in de koelkast. Plaats de zak op een omgekeerd bord zodat de mosselen niet in hun eigen vocht liggen. Als u de mosselen langer dan een dag wil bewaren, legt u ze het beste in gezouten water in de koelkast.

Bereiding

De schrik van iedere mosselliefhebber is de slikmossel. Deze mossel is onder het zand of het slik bedolven geraakt en gestikt. De dode mossel heeft zich met slik gevuld en kan het aroma van een hele mosselpan bederven. Een slikmossel is te herkennen aan de matte schelp en het is iets zwaarder. Probeer bij het wassen de mosselschelpen even over elkaar te schuiven. Een verse mossel zal de schelp onwrikbaar sluiten. Bij een slikmossel laten de schelpen los.

Mosselen kunnen rauw, gekookt, gebakken of gefrituurd gegeten worden. Mosselen kan men bovendien, net als oesters, rauw eten. Het is echter wel een karwei om de schelpen stuk voor stuk met een scherp mes open te maken. Eenvoudiger is het om de mosselen kort te koken. Zodra de schelp open gaat is de mossel klaar om opgediend te worden. Zij hebben dan nog de frisse, zilte smaak. Als men mosselen te lang laat koken worden ze taai en donkerbruin.

Gezondheid

Mosselen zijn gezond omdat ze veel eiwitten en vitaminen bevatten. Ze bevatten een laag percentage gezonde vetten die gunstig zijn voor hart- en bloedvaten en cholesterolverlagend werken. Mosselen zijn rijk aan vitamine B en foliumzuur. Verder bevatten ze fosfor, ijzer en zink.

Teelt

Mosselen worden op grote schaal geteeld in Europa. Spanje is de grootste leverancier gevolgd door Zeeland. Vooral de mosselen uit het Zeeuwse Yerseke zijn bekend. De kweek van de mosselen vind plaats in ondiepe stukken zee die 'mosseltuinen' worden genoemd. De aanleg van deze mosseltuinen gebeurt volgens 2 methoden:

1.De mosselen worden gekweekt volgens de hangcultuur (Spanje, Italië en Neeltje Jans).

Dit betekent dat er ongeveer 1 ton mosselen (= 100 kilogram) per meter aan een touw van enkele tientallen meters hangt. Deze mosselen zijn zeer populair omdat er geen zand in zit en veel romiger zijn. De aanvoer van deze mosselen is slechts 3-4% van de gehele aanvoer dus is het moeilijk om hier aan te komen.

2.De mosselen worden op de zeebodem uitgezaaid (Nederland).

In Nederland wordt de tweede methode toegepast. Het uitgangspunt van de Nederlandse mosselcultuur is het cultiveren van mosselzaad. Als deze vrij in het water zwemmende larven zich als kleine schelpen aan de zeebodem vastzetten ontstaan er complete mosselzaadbanken. De stroming in de zee brengt de kleine mosseltjes bij elkaar en deze hechten zich dan aan elkaar vast. Het mosselzaad wordt 2 keer per jaar vrijgegeven voor de vangst.

Mosselkwekers mogen dit mosselzaad opvissen en op eigen kweekpercelen uitzetten. Het mosselzaad wordt eerst in ondiep water uitgezaaid tot de mosselen 3 a 4 centimeter groot zijn, dan worden ze naar dieper water overgebracht. Wanneer de mosselen 5 - 7 centimeter groot zijn worden ze met netten opgevist en naar water aan de kust gebracht. De opslag is noodzakelijk om onder andere zand wat door de vangst in de mosselen is terecht gekomen weer te verwijderen. In 2 tot 3 jaar groeit het zaad uit tot mosselen en is zij geschikt voor consumptie. Dit proces biedt een goede kwaliteit en een bijna continue levering aan afnemers in combinatie met koelmogelijkheden en transport.

Mosselklasse

De voorkeur van de consument voor een bepaalde mosselgrootte is volledig gebaseerd op persoonlijke smaak. Waar de een houdt van de smaak van de kleinere mossel, kan voor de ander de mossel niet groot genoeg zijn.

R in de maand

Vroeger toen de schepen nog niet voorzien waren van alle moderne snufjes zoals spoel- en koelinstallaties werden mosselen alleen verkocht wanneer de R in de maand was. Tegenwoordig kan men in feite het hele jaar door mosselen eten, juist door die verbeterde koeltechnieken en het beheersen van het verwerkingsproces vanaf vangst tot en met verkoop in de winkel.